Osteoporose

Voedingsadviezen en behandelingen

Osteoporose is een botaandoening waarbij de hoeveelheid en de samenhang van botweefsel zodanig verminderen dat al bij een geringe belasting afbraak van skelet plaatsvindt. Het gevolg: pijn, inzakken van wervels en breuken.Er zijn een aantal stoornissen in de botstofwisseling waarvan de oorzaak en het klinisch beeld uiteenlopend zijn, maar met als gemeenschappelijk kenmerk: lage botdichtheid en verminderde botmassa.
Histologisch gezien is bot een actief weefsel. Botcellen zijn constant bezig met opbouw (osteoblasten) en afbraak (osteoclasten). De lengte- en breedtegroei van bot gaan door tot ongeveer het zestiende levensjaar. De opbouw en afbraak van botcellen zijn in evenwicht tot boven het vijftigste jaar. Daarna is de botafbraak groter dan de botaanmaak. De conditie van de botten: de botdichtheid en de maximale botmassa tussen het twintigste en dertigste levensjaar is bepalend voor het risico van botontkalking op oudere leeftijd. Het grootste deel van de preventie van osteoporose dient plaats te vinden in de eerste dertig levensjaren.
Op latere leeftijd gelden deze preventieve adviezen voornamelijk ter voorkoming van grotere problemen. In ons land krijgt 60% van de vrouwen en 30 % van de mannen boven hun vijfenvijftigste levensjaar te maken met botontkalking.

De oorzaak van osteoporose zijn twee natuurlijke processen:

  1. De menopauze bij vrouwen (post-menopauzale osteoporose):
    Hierbij speelt de afname van de oestrogeenproductie de grootste rol. Post-menopauzaal kunnen we rekenen met een botverlies van 1 % per jaar. Bij 10 % botverlies doen zich de eerste klinische verschijnselen voor.
    Maatregelen die de hormoonbalans optimaliseren, zijn daarom aan te raden.
  2. Het ouder worden (ouderdomsosteoporose):
    Dit openbaart zich vaak door heupfracturen. Bij het verouderingsproces zien we:
    *  Een vermindering van de opnamecapaciteit van de darm.
    *  Een spiermassadaling, waardoor de krachten die voortdurend op het bot
        werken, afnemen.
    *  Een verdergaande verzuring van het lichaam door o.a. verkeerde voeding
        en stress.

Verdere risicofactoren met betrekking tot de botmassa zijn:

Genetische factoren: 

  • ras: onderzoek heeft aangetoond dat bij het negroide ras osteoporose pas
  • in een latere levensfase voorkomt indien zij nog in de tropen wonen.
  • donkere mensen in gematigde luchtstreken hebben bijna even veel kans
  • op osteoporose.
  • geslacht: mannen blijken over een hogere beenmassa te beschikken en
  • hebben dus een betere uitgangspositie.
  • leeftijd: hoewel juveniele osteoporose voorkomt, zijn vooral de bejaarden
  • de grootste risicogroep.
  • hormoonstatus: de oestrogeen/testosteronspiegel speelt een belangrijke
  • rol bij het ontstaan van osteoporose.
  • erfelijkheid: in families waar osteoporose voorkomt is extra waakzaamheid
  • nodig.

Lichamelijke activiteit:

  • Het belasten van botten zorgt voor een betere botstofwisseling.
  • Mensen met een laag lichaamsgewicht lopen meer kans op botontkalking dan zwaardere mensen. Dragende vormen van bewegen is een vorm van belasting van botten en is dus van belang ter voorkoming van osteoporose.

Leefgewoonten en gebruik van genotsmiddelen:

  • De belangrijkste bouwstoffen van botweefsel zijn calcium, magnesium, zwavel en fosfor. Verder zijn borium, mangaan, zink, koper, silicium, vitamine C, vitamine D en vitamine K belangrijk voor de botopbouw. Ook vitamine B6, foliumzuur en vitamine B12 zijn nodig voor de gezondheid van de botten.
  • Roken, het gebruik van koffie, thee, alcohol, eiwitten en verzadigde vetten kunnen de opname van deze bouwstenen belemmeren.
  • De gemiddelde Nederlander krijgt te veel fosfor binnen. We consumeren te veel vlees en zuivel, met als gevolg dat calcium uit de botten wordt onttrokken om het evenwicht in het bloed te herstellen.
  • Langdurige topsportbeoefening. Dit kan leiden tot een verstoord zuur-base-evenwicht.
  • De klinische verschijnselen manifesteren zich vooral in het axiale skelet, gevormd door de wervelkolom, de ribben, het bekken en de femurhalzen.
  • Deze delen van het skelet staan aan de grootste mechanische belasting bloot.

Voorkomende klachten

Vermindering lichaamslengte:

  • Rugpijn door wervelinzakkingen, subperiostale hematomen en fracturen;
  • Kromme rug, vaak zo erg dat het zichtbaar wordt;
  • Heupfracturen komen veelvuldig voor;
  • Spasmen van de lange rugspieren die proberen de afwijkende stand te stabiliseren waarbij de patiënt het liefst bewegingsloos ligt;
  • Compressiefractuur van het voorste deel van de wervel op niveau Th12- L1;Onderarmfractuur;

Algemene verschijnselen:
Patiënten met osteoporose hebben vaak slechte tanden. In de anamnese blijken er breuken te zijn geweest. Er kan scoliose voorkomen. Deze mensen worden kleiner. Er is lengteverlies. Vaak zien we donkere wallen onder de ogen, uitgedund hoofdhaar en een timide houding.

Praktische adviezen

Voldoende lichamelijke activiteiten:

  • Bij voorkeur buiten (aanmaak vitamine D door blootstelling aan zonlicht).
  • Gewichtdragende bewegingen, o.a. wandelen, hardlopen en balsporten bevorderen de ontwikkeling en het behoud van botmassa meer dan bijvoorbeeld fietsen.
  • Ook trappenlopen en dansen dragen daartoe bij. Dit zijn dus belangrijke activiteiten.
  • Daarnaast is zwemmen bijzonder goed. De trek aan de spieren is net zo goed als belasten met gewichten. Zwemmen is nog beter voor mensen die al ontkalking hebben, omdat water je gewicht draagt.

Zorg voor voldoende Calcium in de voeding:

  • Belangrijke bronnen zijn: geitenkaas, amandelen, peterselie, waterkers, broccoli, spinazie, noten, sojabonen, tofu, tomatenpuree, chocolade puur, kool knoflook, ui, melasse, brook, zeewier, kelp.
  • Bij een eventuele allergische reactie op een of meerdere van deze voedingsstoffen die specifieke stoffen natuurlijk niet gebruiken.
  • In ieder geval zuivelproducten beperken, zeker bij oudere mensen. In zuivelproducten zitten naast te veel fosfor nog een groot aantal andere stoffen (zoals het voor de mens niet opneembare calciumcarbonaat) die osteoporose in de hand werken.
  • De activiteit van botvormende cellen is 's nachts het grootst.

Zorg voor voldoende Vitamine D:
Vitamine D speelt een hoofdrol bij de opname van calcium en magnesium. Bent u regelmatig buiten dan kan zonlicht voor voldoende vitamine D zorgen door aanmaak in de huid. Rijke bron van vitamine D zijn verder: eidooier, haring, sardine (in blik), garnalen, makreel, visolie, lever(traan), boter, kaas, biergist. Een goede uitgebalanceerde multi-mineralencomplex is sterk aanbevolen.

Zorg voor een zeer royale groenten- en fruitconsumptie:

  • In groenten en fruit komen veel magnesium, borium, mangaan, vitamine K en vitamine C voor.
  • Goede bronnen voor magnesium zijn: parmezaanse kaas, heilbot, krab, makreel, slakken, avocado, vijgen, pruimen, cacao, kelp, bieslook, okra, ongeraffineerde graanproducten, sojabonen en andere peulvruchten, melasse, noten, spinazie, amandelen, avocado, fruit, paddestoelen, kool en sommige soorten mineraalwater (o.a. Apolinaris). Borium in vis, peren, appels, tomaten, pruimen, rozijnen, dadels, hazelnoten, amandelen, honing, wijn en biergist.
  • Borium remt de calcium/magnesiumuitscheiding via de urine en verhoogt het oestrogeen/testosterongehalte.
  • Mangaan in eierdooier, forel, zilvervliesrijst, ananas, amandelen, kastanjes, noten, thee, peulvruchten, ongeraffineerde graanproducten, lever, hart, spruitjes, eigeel, kelp, bladgroente, kruieden en enkele vruchten.
  • Vitamine K in (bloem)kool, spinazie, broccoli, sla, spruitjes, groene thee, melasse, kaas, eieren, boter en lever.
  • Vitamine C in broccoli, spinazie, spruitjes, kool, bloemkool, citrusvruchten, aardbeien en kiwi, rozenbottels, acerolakersen, zwarte bessen, rode pepers, peterselie, rode kool, papaja en mierikswortel.
  • Zorg voor ongeraffineerde volkerengraanproducten:
  • Neem zo min mogelijk geraffineerde producten.
  • In de ongeraffineerde graanproducten zitten veel mineralen: calcium, silicium, magnesium, zink en koper. Bovendien zijn de vezels belangrijk voor een goede darmflora. Volkorenbrood is gunstig voor de opname van mineralen. U kunt beter geen losse tarwezemelen gebruiken. Daarin komt fytinezuur voor en dat remt de opname van mineralen in het lichaam.
  • Mijd hoge consumptie van eiwitrijke voedingsmiddelen:
  • Vlees, vis en soja zijn eiwitrijk. Het is beter om deze voedingsmiddelen niet iedere dag te eten. Door deze eiwitrijke voedingsmiddelen wordt het lichaam zuurder. De pH-verlaging (dat is verzuring, en tegelijkertijd een maat die de zuurgraad in negatieve logaritmische schaal aangeeft) zorgt voor opgebruiken van calcium om de pH-graad te corrigeren en kan zo niet voor de botopbouw worden aangewend.

Zorg voor goede vetbronnen:
Goede vetbronnen zijn koudgeperste olie, noten en pasta's hiervan en zaden. U krijgt dan behalve de olie ook mineralen naar binnen. Te vinden in bijvoorbeeld: sesampasta, lijnzaad, haring, zalm en makreel.

Voldoende drinken is belangrijk:
Cafeïne verhoogt de afscheiding van calcium in de urine: dus beperk de consumptie van thee, koffie, cacao en cola. Smakelijke alternatieven zijn: kruidenthee en granen- of vruchtenkoffie. Drink zeker 2,5 liter (mineraal)water per dag.

Matig het zoutgebruik:
Gebruik een mineraalzout waarin ook magnesium, kalium en natrium zit. Of gebruik in plaats van zout verse of gedroogde kruiden.

Geen suikergebruik:
Let ook op alle suikerrijke producten, zoals frisdranken en verborgen suikers in koek, snoep, kant-en-klaar-produkten en sommige groenten in potten.

Roken en alcoholgebruik:
Roken en overmatige alcoholconsumptie vergroten de kans op osteoporose. Probeer met roken te stoppen en het alcoholgebruik te beperken.

Stress en ontspanning:
Zorg voor voldoende ontspanning. Overmatige stress heeft een negatieve invloed op verschillende vitaminen en mineralen in het lichaam.

Aanvullende preparaten

  • Een goed multivitamine/mineralenpreparaat waarin zeker B6, B12, foliumzuur, koper, borium, ijzer, zink, mangaan, strontium aanwezig zijn ter verbetering van de botstofwisseling.
  • Een uitgebalanceerd multi-mineralencomplex met alle micronutriënten die bij de botopbouw zijn betrokken.
    Aanbevolen dosis per dag: 500-1000 mg.
    * Magnesiumtauraat is goed opneembaar door het lichaam.
  • Ipriflavon is een derivaat van isoflavonen uit soja. Chemisch gezien lijken ipriflavonen erg op oestrogenen, maar de hormonale werking is slechts zwak. Ipriflavon gaat niet alleen botontkalking tegen, maar kan zelfs een toename van botdichtheid, ook op latere leeftijd bewerkstelligen. Ipriflavon stimuleert de afgifte van calcitone, een botopbouwend hormoon. De aanbevolen dagelijkse inname van ipriflavon is 600 mg per dag. In combinatie met een lage dosis oestrogeen (< 0,625 mg, de pil) wordt 400 mg aanbevolen. Bij extra inname van de voornaamste bouwstenen van botweefsel wordt 200-400 mg aanbevolen.
  • Glucosamine HCL en chondroïtinesulfaat bevorderen de synthese van het botweefsel. Aanbevolen dosis: 1000 mg per dag.

Twitter