Degeneratieve aandoeningen van de tussenwervelschijven

Voedingsadviezen en behandelingen

De wervelkolom bestaat in feite uit een stapel wervels die met behulp van ligamenten aan elkaar verbonden zijn. Tussen de wervels ligt telkens een tussenwervelschijf of te wel een discus. De functie van de tussenwervelschijven is de beweeglijkheid van de wervelkolom en een schokbrekereffect te garanderen.

Wervelkolom

De tussenwervelschijven bestaan uit twee delen: een gelei-achtige kern met er omheen een fibreuze collageen band, de anulus fibrosus. De kern die een vloeibare substantie is bij pasgeborenen wordt in de loop van de jaren steeds meer geleiachtig. Bloedvaten kunnen de kern dan ook niet meer bereiken. Bij volwassenen vindt de voeding van de kern plaats door middel van diffusie. Dit betekent dat de kern vocht op zal nemen wanneer er weinig druk op staat, dus als men ligt. Bij activiteiten die rechtop plaatsvinden wordt het vocht er weer uitgeperst. Het lengteverschil overdag en ‘s nachts bedraagt hierdoor wel zo’n drie centimeter.
Door slechte voeding, te weinig drinken, te weinig bewegen, overbelasting en veroudering zal de discus gaan indrogen en dunner worden. De schokbreker functie wordt hierdoor minder.

Dit kan een aantal gevolgen hebben:

Het ontstaan van osteofyten
Omdat de wervels die boven en onder grenzen aan de te dun geworden discus nu de druk op moeten vangen wordt hun oppervlakte groter. Hierbij ontstaan bot woekeringen aan de randen die osteophyten worden genoemd. Wanneer deze drukken in de ligamenten veroorzaakt dat pijn.

Kissing spines
Door het dunner worden van de disci komen de contactpunten van de wervels, de gewrichtsoppervlakken, dichter tegen elkaar aan. Hierdoor kunnen ontstekingen van deze gewrichtoppervlakken ontstaan.

Vernauwing van het foramen intervertebralis
Het foramen intervertebralis is de ruimte tussen de wervels waardoor de zenuwen die uit het ruggemerg komen naar buiten treden, onderweg naar hun doel organen. Zenuwen die op verschillende hoogte uit de wervelkolom uittreden innerveren verschillende organen, spieren en delen van de huid. Het foramen intervertrebralis wordt nauwer als de discus dunner wordt. Hierdoor komt de uittredende zenuw in de knel en wordt de prikkelgeleiding bemoeilijkt. De doelorganen kunnen niet goed meer functioneren. Dit kan leiden tot bijvoorbeeld maag/darm klachten of hartklachten of pijn, verlamming of verminderde gevoeligheid in een arm of been.

Spondylolisthesis
Door de veranderde verhoudingen tussen de wervels die ontstaan bij het dunner worden van de discus kan er een wervel van zijn plek glijden. Dit wordt spondylolisthesis genoemd. Vaak is hierbij ook sprake van bindweefselzwakte en/of osteoporose.

Hernia nuclei pulposi (HNP)
Hierbij drukt de anulus fibrosis de nucleus naar buiten. De uitpuilende nucleus kan dan op een uittredende zenuw gaan drukken. Een hernia kan overigens ook ontstaan wanneer een gezonde tussenwervelschijf te zwaar wordt belast.
De anulus fibrosis heeft een vezelachtige netwerk structuur met een hoge weerstand tegen trekkrachten. De cellen van de anulus, de chondrocyten, gebruiken als grondstof glucosaminesulfaat. Bij het ouder worden vermindert het vermogen van het lichaam om glucosaminesulfaat te maken.
De geleiachtige kern bestaat uit water in een matrix van proteoglycanen. Dat zijn eiwitten verbonden met suikers. De proteoglycanen diffunderen mee met het water en voorzien de nucleus van de nodige nutrienten. Om proteoglycanen te vormen is chondroitinesulfaat nodig.

Twitter