Leven Volgens Je Genen (the Genotype Diet)

Boeken/Leestips


Peter D’Adamo (en Catherine Whitney)

ISBN 9 789032511210

2008, € 19,95

Uitg. De Kern

 

Door: Jetty van der Graaf

D’Adamo begon zo’n 12 jaar geleden met zijn bloedgroependieet, vier diëten voor de hoofdbloedgroepen. Dat er verder nog zo’n 300 bloedgroepen zijn, wordt geen rekening mee gehouden. Na de grote hype zwakte het snel af, te weinig mensen pasten bij hun dieet. Nu heeft hij 6 genotypen (GT) uitgedacht, bij sommige past maar één bloedgroep, bij de andere weer meerdere, zou je zijn eerste boek ook nog blijven volgen dan kun je volgens mij veel meer types maken.

Hij beweert nu de hele mensheid in 6 genotypen te kunnen indelen. Hij geeft dus al toe dat zijn bloedgroepdieet achterhaald is en niet meer klopt. Een mens heeft ongeveer 30.000 genen, en er zijn meer dan 6 miljard mensen, dus zijn er evenzoveel genotypen. Ik kan geen mensen in één genotype passen, iedereen heeft wel iets van alles en een dieet moet op de persoon zelf afgestemd worden. Er bestaat niet één dieet dat voor 1/6 van de wereldbevolking geschikt is.
Eerst worden heel algemene karakterbeschrijvingen gegeven die slechts bij één genotype passen. Daarna volgen alle metingen die je moet verrichten en vragen die beantwoord moeten worden om vervolgens tot één van de 3 opgegeven rekensystemen tot jouw genotype te komen. Je hebt o.a. nodig je lengte, lengte van je onderbeen, bovenbeen, romp (inclusief hoofd), ringvinger, wijsvinger, taille- en heupomvang, schedel, je snijtanden en eerste kies boven bekijken, proefvermogen, je bloedgroep, rhesusfactor en secretorstatus.

Als ik de eenvoudige berekening volg ben ik GT4 of GT6, volgens de berekeningen pas ik in allemaal (4 scoort het laagst), en volgens de uitgebreide berekening ben ik GT6 maar als ik mijn bovenbeen 1 cm anders meet een GT2. Maar volgens het boek is het zó eenvoudig dat je binnen een half uur jouw genotype kunt bepalen. Je bent slechts 1 GT en er is geen overlap mogelijk.

Er zitten veel overlappingen in eigenschappen en karakters, risico’s voor bepaalde ziekten; iedereen moet zijn methylering positief beïnvloeden en junkfood, te veel suikers en transvetten mijden. Waarom 6 diëten voor 6 genotypen verzinnen? Één bloedgroep en nu dus ook één genotype heeft ‘dik visceus bloed’, wat veel problemen geeft, Dit is m.i. niet waar. Je kunt soms ‘dikker’ bloed hebben als je uitgedroogd of ziek bent, dit heeft echter niets met je bloedgroep te maken!

De diëten bevatten indrukwekkende lange lijsten met wat je wel en niet mag eten. Er staan zoveel soorten vissen, vruchten of kaassoorten op dat hij wel een encyclopedie nodig gehad heeft om de lijsten samen te stellen. De lijsten zijn véél te gedetailleerd, dit maakt het onoverzichtelijk en onwerkbaar. Zo staat er soms iets op in een heel andere taal, zoals gjetost (Noors voor geitenkaas) of staan ‘white bean’ en ‘witte boon’ onder elkaar. Er lijkt geen enkel systeem in te zitten, maar hij schrijft dat hij alle middelen uitgetest heeft.

M.i. lijkt dit onmogelijk. Op sommige lijsten komen veelvoorkomende voedingsmiddelen niet eens voor, vissen zoals haring, sardine, sprot komen op één lijst helemaal niet voor, op andere komt rund in z’n geheel niet voor, maar wel de organen links en rechts verspreid (alle andere dieren staan er wel helemaal op). Sommige lijsten met b.v. vissen, vruchten/bessen, noten, zaden, peulvruchten, kaassoorten, vetten/oliën zijn zó uitgebreid met namen waar ik zelfs nog nooit van gehoord heb, ook al heb ik een zeer brede kennis en interesse en heb ik veel gereisd. Ook is de willekeur van wat wel en niet mag mij niet helemaal duidelijk; je mag wel: baars, zeebaars, je mag geen: baars bluegill, gekweekte, gestreepte zeebaars, zoetwaterbaars. Zo mag je géén bloemkool en wel torentjesbloemkool en broccoli. Je mag géén kersen en wel kersensap, géén banaan en pisang maar wel een prairiebanaan?
Enkele voorbeelden die op de lijsten genoemd worden: essene, fonio, kasha, boba, katoenpitolie, perillaolie, theezaadolie, dederolie, chiazaadolie, babassuolie, camelinaolie, rappini, kankoeng, jute (voeding?), potkruid, feijoa, jujube (vrucht?) lingon-, logan-, rowanbes, mamey sapota, matiekgom, carrageen, cremotart, epazote, roselle, tulsi khaprao, poppadom, lariksvezel, poi, teff, chayote, pipinella, tamarillo en ga zo maar door. Ik wens alle mensen die dit dieet uit willen proberen veel sterkte, ze zullen het hard nodig hebben.

Verder zijn ook de benodigde supplementen erg verschillend, GT3 heeft b.v. vitamine B1 en vitamine B7 nodig, anderen alléén vitamine B12 en foliumzuur (voor de methylering), weer een andere alleen vitamine B6. Volgens mij kun je beter iedereen vitamine B-complex geven, en voor een goede methylering heb je naast vitamine B12 en foliumzuur ook vitamine B6 nodig. Ook heeft ieder GT weer heel specifieke kruiden en andere supplementen nodig! Het is echter zeer onverantwoord om deze zomaar te slikken, zonder vooraf te testen.

Twitter